Deze bijdragen zijn ook verschenen op LinkedIn

16. jan, 2020

The German Chancellor Dr. Angela Merkel was snapshotted during her summer holidays, reading in Stephen Greenblatt's "Tyrant, Shakespeare on Politics" (192 pages) on an Austrian balcony.

I imagine that Dr. Merkel regards this book as a 'must read' for professional politicians and not as a 'I-always-wanted-to-know-more-about'. Knowing Dr. Merkel I presume that she will hold her conclusions after reading for herself until eternity. She will definitely not post a comment down under. But she will act accordingly.

 

I must admit that I have hardly read poems, dramas or comedies of William Shakespeare. Each time I think of him I must correct myself. Rather than an exceptional exponent of the late-renaissance I tend to see Shakespeare as an early 19th century author like Dickens, Goethe, Schiller or Hugo. What a queer idea! Our English teacher at the municipal atheneum believed that teens should not even try to understand Shakespeare. He didn't forbid to read Shakespeare, but neither insisted or stimulated us to do so. There are many books that I have read three times in my life: as a teen, as an adult and once again as an adult. Each time my context had changed and with the context the meaning of the textbook. I'm easily impressed by people who may cite Shakespeare. Or Rousseau. Or Goethe ....

The American professor of literature Stephen Greenblatt has performed many studies on William Shakespeare over the past twenty years. He is an expert so to say. Greenblatt not only maps the Shakespearean texts back into the past of the old Romans, he is also able to establish a link between 16th century politics and contemporary history. But he doesn't mention names. While reading the book I got the impression that the names of Putin, Trump, Hitler and other autocrats had been deleted afterwards. The parallels are flabbergasting though. So lots of learning points for Dr. Merkel. By the way, tyrants do also pop up in business life.

Professor Greenblatt emerges as a dedicated analytical psychologist. Guiding us through the dramas of Shakespeare he shows us which conditions and circumstances make a tyrant or an autocrat. Shakespeares dramas are the precursor of the handbook of psychiatric disorders DSM-V. Group dynamics did the rest. Not so much has changed today. But what has mankind learned from the past? What did the German chancelor learn from the book? Or was this all 'gefundenes Fressen' for her? We will probably never know.

There are striking similarities between Greenblatt and Shakespeare. Shakespeare lived in a time where freedom of speech had to be invented yet. If he felt that he should express himself critically he sought a matching parallel in history, preferably 1.500 years of age or even older. Greenblatt's aim is not to blame Donald Trump in particular. The only thing he wants us to show is that Mr. Trump is not one of a kind. Greenblatt deserves public support for this excellent eye opener.

11. dec, 2019

Gisteren belde mijn schoonvader (88) op. Of ik het al wist: ENCI sluit definitief de Maastrichtse poorten. Ik was niet thuis. Mijn vrouw nam op. Wij wisten van nog niets, maar verrassend is het bericht niet. De laatste vijftig mannen - en als je heel goed zoekt misschien ook wel ergens een vrouw - ruimen medio 2020 het veld. Wat er daarna met gebouwen en gronden gaat gebeuren is ongewis. Amovering en sanering van de bedrijfsterreinen zullen zeker miljoenen nog euro's vragen. Misschien dat een CEO met een salaris van 7 mln euro per jaar daar nog een persoonlijke bijdrage aan kan leveren?

Net als bij TATA worden besluiten over het aannemen en ontslaan van mensen bij ENCI in Maastricht in het moderne, geglobaliseerd bedrijfsleven achter een verre horizon genomen, in Duitsland om precies te zijn. De lokale OR wordt pro forma geïnformeerd. Van raadplegen zoals de wet voorschrijft is al lang geen sprake meer. De vakbonden moeten maar zien waar ze hun informatie vandaan halen. Dat is een immens verschil met pakweg dertig jaar geleden. Toen had de landendirecteur nog een aardige c. Hij had iedereen iets te vertellen. Naar hem werd geluisterd. En als jij goed naar hem luisterde, kon hij je tot bijna gelijke hoogte in de organisatie brengen. Nadat hij met pensioen ging, werd het Nederlandse geluid vakkundig gedemonteerd. De corporate jungle kent zijn eigen wetten.

De verleiding is groot om commentaar te gaan leveren op dit bericht. Ik ga dat als ex-werknemer niet doen. Ik breng slechts één pikante gebeurtenis in herinnering.

Het moet een bloedhete zomerdag zijn geweest in juni 2004 (?). In Maastricht is het dan altijd nog een paar graden warmer dan in 's-Hertogenbosch of 's-Gravenhage. Ik moest die dag in Den Haag zijn, op het ministerie van Economische Zaken. Ik herinner me van die dag dat de stationsthermometers elke 30 km westwaarts drie graden minder aangaven. Het gesprek zou gaan over het dossier wateroplosbaar chroom-VI. Een van de producten waarnaar in de Europese chromaatrichtlijn wordt verwezen, is cement. Nu zijn er vele soorten cement, waarbij sommige evident de opgegeven concentraties chroom-VI overschrijden en andere vrijwel nooit. De voorliggende vraag was of die tweede categorie op dezelfde manier moest worden behandeld als de eerste. Het antwoord van de ambtenaar in mijn richting was ontkennend. Hij was bereid om het op schrift te zetten. Dan komen twee andere vragen boven, namelijk is die ambtenaar wel bevoegd en waar is het bewijs van onze claim? Ik had wat huiswerk laten doen waaruit bleek wat ik stelde. Mijn baas ging bij uitzondering met mij mee. Successen zijn nu eenmaal voorbestemd om vele vaders te hebben. Wij plaatsten ons na afloop van het gesprek om vier uur in de namiddag met een koel biertje op een gezellig Haags terras om de gerealiseerde miljoenenbesparing te vieren.

Toen rinkelde opeens onze mobiele telefoon. Het nummer wees in de richting van Maastricht.

Onze Maastrichtse collega's bleken op dat tijdstip toevallig ook op een terras te zitten. Aan het Vrijthof. Zij vierden dat de provincie vergunning had verleend voor mergelwinning tot 2030. De toekomst van ENCI was weer voor jaren veilig gesteld.

Toen rinkelde ook daar een mobiele telefoon. We konden het gesprek bijna meeluisteren.

Een lid van de Vorstand vertelde de al licht aangeschoten ENCI-managers dat ENCI geen gebruik zou hoeven maken van de nieuwe vergunning omdat de cementmarkt zwak was en zo ook de concurrentiepositie van ENCI. De fabriek gaat binnenkort toch dicht. De vergunningverlenende instanties hadden misschien wel manjaren in de voorbereiding gestopt en waren bepaald niet geamuseerd bij het vernemen van het bericht van de ENCI-managers. De ENCI-managers evenmin.

Al vrij snel kwam de concernleiding op haar besluit terug. De markt was aangetrokken. De prijzen hadden zich enigszins hersteld. De productiecapaciteit in Maastricht was onmisbaar geworden. Of ENCI maar even een nieuwe vergunning wilde aanvragen? Die was toch al in kannen en kruiken?

Ondertussen waren de tijden veranderd. De maatschappelijke acceptatie was kleiner, de politieke verhoudingen waren gewijzigd en de geschoffeerde ambtenaren begrijpelijkerwijze minder coulant. Zo eiste de provincie dat de afdeling R&D in Maastricht zou blijven. Daar werd in Heidelberg nauwelijks op ingegaan. Al snel werd R&D in Maastricht gereorganiseerd c.q. gesaneerd. Vol trots meldde HC enkele jaren later dat er in de hoofdzetel een nieuw cementlab was geopend met 70 academici, voornamelijk Herrn Doktoren. In Nederland werd de ene na de andere gepromoveerde chemicus niet opgevolgd. Het academisch niveau bij de onderneming daalde tegen alle maatschappelijke tendenzen in.

De vergunningverlening in Maastricht verliep nu stroef. De zichttermijn werd teruggehaald van 2030 naar 2018. In België geeft de overheid ontgrondingsvergunningen af voor onbepaalde tijd. Als de grenzen van de concessie daar zijn bereikt, houdt het op. Dat kan vroeger of later zijn. Naar gelang de vraag naar grondstoffen. De concernleiding weet dat en handelt daarnaar. De Nederlandse overheid gelooft meer in fiscale voordelen voor buitenlandse ondernemingen.

De sluiting van ENCI heeft minder te maken met CO2 of milieu dan met een haperende interne en externe lobby. Binnen elk multinationaal concern gelden de wetten van de macht. Wie haar goed weet te bespelen maakt carrière, mag investeren en werkgelegenheid creëren. Buiten een concern bepalen de zogenaamde stakeholders in hoge mate het wel en wee van de firma. Precies op de dag dat ik mijn eerst grote, goed te materialiseren succes binnenhaalde, begon voor ENCI in Maastricht de gang naar Canossa....

 

4. mrt, 2019

Je crois c’est la première fois dans ma vie que j’ai lu un livre québécois. Bien sûr il y a des auteurs francophones partout et dans le monde entier, mais pourquoi choisir un canadien alors qu'il y a tant de bons auteurs français?

Honnêtement, je n’ai pas choisi. Ce livre était un cadeau pour ma femme qui n’a pas encore trouvé le temps de le lire.

Presque tous les pays ont leurs séries policières à la télévision: Flikken Maastricht, Tatort, Forbrudelsen, Wallander, Candice Renoir. La formule date depuis très longtemps. Qui n’a pas lu Maigret, Grisham ou  Ludlum? Mais un détective canadien?

Oui, Richard Ste Marie en est un.

L’histoire commence avec un triple meurtre. Une femme (son épouse) et deux hommes, qu’il ne connaît pas. Rentré un jour plus tôt que prévu d’un congrès à New York, Vincent Morin trouve sa femme dans le lit conjugal avec deux hommes nus. Ce n’était pas ce à quoi il s'attendait en  arrivant à la maison. Après il a perdu les pédales. Mais quoi faire avec les trois corps? Il décide de transporter les corps vers une usine abandonnée  dans les bois, à une trentaine kilomètres de Montréal et d'incendier l’auto avec à bord les trois corps humains . Il espère que personne ne les decouvrira…

La suite nous fait témoin de ses efforts de ne pas attirer l’attention de la police. Au début ses mensonges restent faciles. Après huit mois, la police a trouvé l’homme numéro trois, qui avait justement manqué l’orgie sexuelle à la maison de Vincent Morin. Le filet de pêche se referme très rapidement à partir de ce moment.

Moi, j’aime l' accumulation de mensonges dans ce livre. On sait Vincent Morin n’échappera pas à la danse. On voit qu’il présente de nouveaux  alibis à chaque fois. Qui va gagner? Quand arrivera le dénouement?

Richard Ste-Marie est un narrateur qui se cache dans les caractères de son livre. Il s’imagine le monde autour de  l’assassin devenir de plus et plus petit. À qui peut-il encore faire confiance? Il brûle toutes les traces. Il coupe avec son passé. Malheureusement il n’est pas capable d’oublier les images qui sont attachées à son acte. Il reste comme un prisonnier de son passé. Ça lui fait du mal. Après tout son arrestation se révèle comme une libération …

Merci, Cathérine! -😊

3. feb, 2019

Van der Heijden schrijft sinds 1978. Hij is productief en meeslepend. Heel lang geleden las ik "De slag om de Blauwbrug" en "De tandeloze tijd". Ik bewaar er geen afgetekende herinneringen aan. In 2010 verongelukte zijn zoon Tonio. Dat is onweerlegbaar een gebeurtenis die er diep inhakt. Bij een auteur eens te meer omdat die zijn gedachten moet vrijmaken om te kunnen schrijven. Nu lijkt hij zich te hebben hervonden, al blijft "Mooi liggen" (364 blz) niet vrij van kritiek.

Het boek is gebaseerd op ware gebeurtenissen. De ramp met de MH17 boven de Oekraïne. Het vermoorden van regimecritische journalisten door leden van de Russische geheime dienst. De werkzaamheden van het internationale strafhof in Den Haag. Tegelijk stelt de schrijver dat alle hoofdpersonen aan zijn fantasie zijn ontsproten. Veel fantasie had A.F.Th daar niet voor nodig. De namen zijn veranderd. De personen om wie het gaat, hadden in real life twee ogen, oren, benen, armen en een echt hoofd.

In kort bestek draait het boek om het leven van de Russische journalist Grigori Moerasjko en zijn Nederlandse vriend Natan Haandrikman, wiens ouders zijn omgekomen bij de crash van de MH17. Tot aan zijn 25-ste gedroeg Moerasjko zich als een model-sovjet burger. Hij diende in het leger en vocht aanvankelijk vol overtuiging in Tsjetsenië. Daar gaat een knop in zijn hoofd om. Hij voelt zich misbruikt en raakt geestelijk beschadigd. De ondergang van de Russische kernonderzeëer Koersk maakt iets in hem wakker als hij ziet hoe de waarheid door de autoriteiten wordt gemanipuleerd. Het wantrouwen culmineert als de MH17 wordt neergeschoten met een Russische BUK-raket. Als de grond onder zijn voeten te heet wordt, besluit hij te vluchten naar de Oekraïne. Daar komt hij in contact met de SBOe, de Oekraïense geheime dienst. Samen besluiten ze om zijn liquidatie in scène te zetten. Grigori verzaakt bewust om zijn vrouw daarover te informeren. Juist als de SBOe een persconferentie over de liquidatie organiseert, wandelt Grigori welgemoed het toneel op. Hilariteit alom. Chef van de SBOe in zijn hemd. Russische journalisten smalen. Fake news is dus een uitvinding van de SBOe, niet van het Kremlin. Grigori hoopt dat zijn vrouw hem huilend in de armen zal vallen, maar het tegendeel blijkt. Ze voelt zich bedrogen. Wil hem niet meer zien. De collega-journalisten keren hem de rug toe. Zijn leven lijkt zinloos, tot het moment waarop hij als getuige door het strafhof wordt opgeroepen. Aan zijn getuigenis komt hij niet meer toe, omdat hij in het Haagse hotel Des Indes door twee Russen wordt vergiftigd. Dit evenement voel je al vijftig bladzijden aankomen. De relatie met zijn vrouw Yulia en zijn twee kinderen is meer dan een decor bij een thriller. Van der Heijden graaft die relatie goed uit. Daar tekent de pen van een ervaren schrijver voor.

Critici mogen beweren dat Van der Heijden het zich deze keer wat al te makkelijk heeft gemaakt. Misschien liggen de gebeurtenissen allemaal nog te vers in het geheugen. De Russische censor zal het boek, hoe geromantiseerd het ook is, zeker niet laten passeren. De schrijver toont zich een groot stilist, weet spanning op te bouwen en verrassende wendingen uit te werken. Dat verdient alles bij elkaar toch een dikke pluim!

25. nov, 2018

Professor De Graaf heeft alles wat het vak geschiedenis interessant maakt. Ze is een uitstekende docent, ze verbindt het verleden moeiteloos aan de actualiteit, is bijzonder ijverig en productief, ze houdt zich bij de feiten, schrijft vlot (doch niet foutloos!) en heeft ondanks een opvoeding bij de zwarte kousenkerk een fris televisievoorkomen.

Ze is tegenwoordig hoogleraar 'History of International Relations and Global Governance'. Toen het Engels op de universiteit nog geen voertaal was, heette ze gewoon professor terrorismebestrijding.

Het boek "Tegen terreur, hoe Europa veiliger werd na Napoleon" gaat voor 80% van de bladzijden over het tijdvak 1815-1818. In 1830 houdt het wel zo'n beetje op. Dat is niet het tijdvak waarin ze is gespecialiseerd. Ze moest zich dus veel opnieuw inlezen. Het is een kloek boek geworden van meer dan 500 bladzijden. Als hardcover kostte het boek nog geen dertig euro. Hoe kan dat? Om te beginnen denk ik dat ze het boek heeft geschreven in de tijd van de baas. Schrijversloon is dus niet inbegrepen.Verder valt me op dat de redactie matig is. Waarschijnlijk is daarop bezuinigd. Opvallend is het, storend niet. Het enige dat mij stoorde was de terugkerende, professorale uitdrukking 'zoals wij aanstonds zullen zien...'

Ze is op pad gegaan met de onderzoeksvragen 'wanneer nam het Europese veiligheidsbeleid een aanvang en hoe zag dat er uit?' De stelling kan worden verdedigd dat dit beleid begon met de val van Napoleon. Als iemand mij had gezegd dat het Europese veiligheidsbeleid met het Vrede van Munster (1648) begon, had ik het ook geloofd.

De Graaf maakt onderscheid tussen drie vormen van terreur. Er is als eerste georganiseerde staatsterreur of terreur tegen de staat. De Franse revolutie is daar een voorbeeld van. Als tweede noemt ze de ongeorganiseerde terreur. De boze eenling met een pistool. Tot slot waren er struik- en zeerovers die de wereld onveilig maakten. Over de verwarde eenlingen maakte men zich in die tijd niet zo heel druk. Zeerovers konden het economisch belang van een land schaden en dat was een van de redenen waarom Frankrijk in 1830 bezit nam van Algerije. Wist ik niet. De Franse revolutie baarde de Europese staats- en regeringsleiders van toen veel zorgen. Na de val van Napoleon was die geest nog steeds uit de fles. Er waren bloedige veldtochten en -slagen geweest, die het inwoneraantal van een land deden dalen. Miljoenen mannen sneuvelden in de kracht van hun leven. Dat kan je als een land niet hebben. Het corrigerend vermogen van de democratie bestond nog niet. Wel kon het volk in opstand komen. Dat was minstens zo gevaarlijk!

De Graaf beschrijft hoe door middel van internationale conferenties het gevaar van terrorisme kon worden bezworen. Het na-oorlogse leiderschap van Wellington speelde daarin een grote rol, evenals het kapitaal dat het VK had vergaard door haar koloniën en de opkomende industrialisering. Het revanchisme en militarisme van de Pruissen moest worden getemd. De Russische tsaar speelde op de achtergrond eveneens een belangrijke rol. Engeland, Oostenrijk, Pruissen en Russen maakten de dienst in Europa uit. Pas daarna kwamen Spanje, Portugal, Italië, Zweden en de kleinere landen. Enige overeenkomst met het Europa van het heden zal de lezer niet vreemd zijn. De opkomende VS werden buiten de samenwerking gehouden. De Engelsen en Fransen waren nog niet over 1776 heen. Pas honderd jaar na Napoleon mochten de VS actief voor hun belang in Europa opkomen.

Wat ik eveneens niet wist was dat de Fransen in 1815 gedwongen werden tot het doen van herstelbetalingen aan de grote overwinnaars. Dat fenomeen kennen we nog uit de Eerste Wereldoorlog. Wellington had al snel in de gaten dat deze maatregel kwaad bloed zette bij de bevolking en wilde haar matigen. Zonder twijfel zal hebben meegespeeld dat er aanslagen op zijn persoon werden gespeeld als hij in Parijs op inspectie was. Na drie jaar waren de Fransen er vanaf en trok de bezetttingsmacht zich terug. De macht van koningen en keizers van in die dagen nog heel persoonlijk. Zij beschikten over het (nood)lot van het volk. Minister-presidenten deden alleen mee in Engeland, de bakermat van de moderne democratie. Omdat Napoleon in gans Europa had huisgehouden, had hij overal vijanden. Een gemeenschappelijke vijand maakt samenwerken niet alleen nodig, maar ook makkelijk. Tot dat waren er wel grote conflicten in Europa geweest, maar die betroffen eerder twee, drie of vier staten.

Dankzij de bezwerende krachten van twee mannen met een schier onmetelijk gezag, met name Metternich en Wellington, kon Europa een periode van dertig jaar vrede tegemoet zien. Nationalisme en patriotisme werden getemd. Na een generatie begon het volk zich toch weer te roeren en braken er all over the place nieuwe revoluties uit.

Voor wie de geschiedenis van het moderne Verenigde Europa een beetje kent is dit boek een feest der herkenning. Waarom leren we eigenlijk maar zo weinig van ons verleden?