22. apr, 2016

Er overheen praten ....

Gisterenavond was ik getuige van beraadslagingen van de commissie beheer en bestuur van het dorp waarin ik woon. Belangrijkste punt van discussie: de renovatie van de plaatselijke cultuurschuur.
 
 
 
Omdat de Raad uit acht fracties bestaat met een gemiddelde grootte van drie zetels duren die beraadslagingen eindeloos. Er is een eerste termijn, er is een tweede termijn. De meeste fracties hebben hun huiswerk goed gedaan, overleg met hun achterban gehad en hun vragen schriftelijk voorbereid. Voorafgaande aan de vergadering is er spreekrecht voor betrokkenen. Wat zij aan nieuws inbrengen gooit de voorbereidingen deels in de war. Dan komt de verantwoordelijke wethouder onverwacht met een verklaring vooraf. Dat gaat het improvisatievermogen van sommige commissieleden te boven. Wat bedoeld is om duidelijkheid te verschaffen blijkt te werken als een afleidingsmanoeuvre en een politiek rookgordijn.
 
Wat is de essentie?
 
De plaatselijke cultuurschuur behoeft na 20 jaar dringend een opknapbeurt. Hij was al nooit gebouwd voor de eeuwigheid. De eerste bestemming was een wat gammele tentoonstellingshal van een rijke verzamelaar van antieke auto's. De cultuurtempel heeft vooral betekenis voor lokale cultuuruitingen en de optredens van landelijke B-artiesten. De gedachte is dat als de plaatselijke bibliotheek en het centrum voor de kunsten erbij intrekken, dat er voldoende financieel draagvlak zal zijn. Na langdurig gestribbel stemden die organisaties daarmee in. Een externe kwartiermaker van landelijke naam en faam werd door de gemeente aangetrokken om de plannen uit te werken. Maar dan gaan er een paar dingen mis.....
 
De kwartiermaker is gewend om groot te denken. In zijn opdracht staat niets over financiële beperkingen. Die heeft de Raad eerder vastgesteld op 5 mln euro. De drie besturen zien zich gesteund in hun grote ambities. De wethouder droomt van een cultuurpaleis met zijn naam. De kosten van twee van de vier scenario's bedragen meer dan het dubbele van wat aan budget beschikbaar is. De regionale krant krijgt er lucht van. Het eindrapport is nog niet gereed. De Raadsleden voelen zich gepasseerd en worden boos.
 
De wethouder maakt een deemoedig - of is het pro forma - een buiging. Ja, er zijn hier dingen verkeerd gegaan. Waar de commissieleden met enig pathos spraken blijft de wethouder vlakke en zalvende taal spreken. Zo erg is het toch allemaal niet? U heeft hier toch altijd het laatste woord? Waar de wethouder gemakkelijk overheen praat, is dat hij zowel voor de procedure als voor de inhoud de eerstverantwoordelijke persoon is, niet het College en niet de kwartiermaker, dat de budgetrestricties niet zijn gerespecteerd en dat het belangrijkste document pas ná de cievergadering beschikbaar is. De Raad wilde het politieke vonnis nog niet voltrekken. Ze was verbazend mild, gisterenavond.
 
Bij dit alles vroeg ik me af waar het collegiaal bestuur gebleven was. Hadden de leden van het College zich misschien misrekend? Niet verwacht dat de commissie hun collega-wethouder het vuur zo aan de schenen zou leggen? Of vonden ze het misschien wel goed zo? Liever hij de boksbal dan wij? Bij de vergaderingen van het College zit ook een gemeentesecretaris. Die houdt zich niet met politieke zaken bezig, maar zou wel voldoende politiek gevoel moeten hebben om te weten dat - ongeacht de inhoud - hier een zeer explosieve lading ligt. Die had tenminste zijn vinger kunnen opsteken ....
 
De besturen van de verenigingen zijn opnieuw in dezelfde val getrapt; overvragen. Overvragen is iets anders dan hoog inzetten. De kwartiermaker zou zich moeten realiseren dat hij gevraagd is om te werken aan een cultuurschuur en niet aan een Kulturpalast. Gelukkig hield de raadscommissie haar poot stijf. Unisono. Alleen een ijzersterk voorstel kan hen nog bewegen in de richting van een (marginale) kostenoverschrijding. Als de Raad straks niet verder wil bewegen heeft de wethouder dat over zichzelf afgeroepen door over hun sentimenten, opvattingen en besluiten heen te praten.
 
Als je daar eenmaal alert op bent zie je het overal en elke dag, het “er overheen praten”.
 
“Er overheen praten” is de bijl aan de wortel van de democratie.
 
Wie “er overheen praat”, schaatst op dun ijs.
 
Pieter Lanser
afdelingsvoorzitter D66 Heusden