2. jan, 2018

Een droom

Ik heb een droom. 

Materieel, intellectueel en sociaal kom ik niets tekort. Mijn gezondheid is op mijn 61-ste beter dan toen ik nog een vast dienstverband had. Ik beweeg meer en zit minder. Mijn huwelijk is goed. Mijn technisch-academische opleiding en sociale netwerk zijn robuust. Mijn geestelijke gezondheid is in orde. Het huis, de auto en de boot zijn betaald. Ik geniet de vrijheid van denken en in nog veel hogere mate ook van spreken. Ik kan mijn hobbies blijven doen. En dat allemaal in een land met vrede en welvaart.

Toch klopt er iets fundamenteel niet. De economie liert als nooit tevoren, maar ik ben al een tijdje baanloos. Ik denk dat niemand van mijn vrienden, collega's en relaties dat vijf jaar geleden had kunnen en durven voorspellen.

Zou dat misschien iets met leeftijdsdiscriminatie te maken kunnen hebben? Maybe yes, maybe no. De bedrijfstak waarin ik werkte (cement) bestaat in Nederland de facto niet meer. De bedrijfstak waarvoor ik werkte (beton) werd me steeds vreemder; te weinig innovatief, te conservatief en te gefragmenteerd. Daarbuiten is de eerste vraag van werkgevers, welke specifieke ervaring brengt u mee? Alsof je intellect niet meer bestaat als je buiten je vertrouwde bedrijfstak acteert!   

Ik geef toe, ik weet helemaal niet zo veel en ik kan ook niet zo veel. Wie zou dat oprecht over zichzelf durven beweren?

Ik ben wel erg leergierig. Ik weet vooral wat we niet weten. Ik zie ook snel als er iets niet klopt. Ik weet wat we moeten weten om goede beslissingen te nemen.

Ik ben geïnteresseerd in dat wat we niet weten. Dat is natuurlijk een tandje lastiger, maar dat is wel waar ik goed in ben. Nieuwe dingen. Civiel ingenieur. Meer academicus dan technicus.

Sommige dingen weten we ondertussen wel zeker. Klimaatverandering bijvoorbeeld. Wie de 'man made climate change' ontkent kan er op rekenen dat mijn mening voor geld niet meer te koop is.

In het vrijwilligerswerk (zeilerij, politiek) zijn mijn (leiderschaps)kwaliteiten nog altijd zeer gevraagd en gewaardeerd. Logisch, want de beurs hoeft er niet voor te worden getrokken. Ik heb de tijd en lever kwaliteit. Ik oogst waardering. Ik verveel me niet.

Ik ben in de gelukkige omstandigheid dat ik waardering belangrijker kan vinden dan geld. Ik ben financieel onafhankelijk.

Ik heb, naar omstandigheden gemeten, altijd zuinig geleefd en heb dus voldoende financiële reserves. Geld zonder waardering kende ik al. Waardering zonder geld is voor mij een nieuwe ervaring. Maar waarom zou het eigenlijk of-of moeten zijn?

Als public affairs officer heb ik de industrie weten te behoeden voor al te ijverige ambtenaren die met hun regels de administratieve lastendruk voor het bedrijfsleven tot grote hoogte wisten op te zwepen. Wederzijds wantrouwen was de default setting. Helaas begon de spagaat tussen maatschappelijk belang en aandeelhouderswaarde met de jaren steeds meer pijn te doen. Het vergt moed en kracht om uit die spagaat te stappen. Aan het einde van de dag geeft de aandeelhouderswaarde altijd de doorslag. Dat is de realiteit in de jungle van het moderne, internationale bedrijfsleven. 

Sinds een paar jaar is het hip om jezelf specialist circulaire economie te noemen. Ik pretendeer dat ik die titel al sinds 1982 met trots kan dragen, alleen had de functie toen een andere naam.

Als internationaal erkend specialist 'milieugerelateerde dossiers cement en beton' heb ik moeten ondervinden dat de incubatietijd van mijn ideeën gemiddeld vijf jaar was. Ik ga, als dat nodig is, elke diepte in. Na vijf jaar trekken en duwen met ambtenaren en onderzoekers was mijn taaie pionierswerk meestal voorbij, kon er over worden gegaan tot implementatie. Het werk vergde zitvlees, slagkracht, elasticiteit en heel veel incasseringsvermogen.

Over die competenties beschik ik dus! -:)

Door herhaalde reorganisaties, ontslagrondes, uitfaseringen, bezuinigingen, overplaatsingen en centralisaties is de cementindustrie in Nederland thans geen schim meer van wat ze ooit was. Haar maatschappelijke betekenis is volledig verschrompeld, evenals de onderzoeks- en opleidingsbudgetten. De investeringen in innovatie zijn nagenoeg nihil. De betonindustrie is sterk gefragmenteerd en - in mijn ogen - niet intrinsiek gemotiveerd en ook niet voldoende geëquipeerd om de gevraagde fundamentele bijdrage te leveren aan het voorkomen van het klimaatprobleem. 

Mijn droom is dat ik mijn persoonlijke competenties en inhoudelijke kennis kan verbinden aan de eisen die nodig zijn om een betere wereld te scheppen. Bij voorkeur tegen betaling, want er zijn harde grenzen aan mijn altruïsme.