2. jan, 2018

Een droom

Ik heb een droom, een droom waarvan ik niet weet of die ooit nog uitkomt. 

Materieel, intellectueel en sociaal kom ik niets tekort. Mijn gezondheid is op mijn 60-ste beter dan toen ik vooral zittende arbeid verrichte. Mijn huwelijk is goed. Mijn sociale netwerk is op orde. Mijn huis, auto en boot zijn betaald. Ik geniet de vrijheid van denken en in nog veel hogere mate ook van spreken. En dat in een land met vrede en welvaart.

Toch klopt hier iets niet. 

 

 

In de achterliggende vier jaar heb ik ondervonden dat er een rabiate leeftijdsdiscriminatie op de arbeidsmarkt bestaat. Uiteraard wordt de discriminatie door de verantwoordelijke functionarissen met droge ogen ontkend. Dat hoort erbij, maar maakt het er niet beter op. 

Ik geef toe, ik weet niet veel en ik kan niet zo veel. Wie zou dat over zichzelf durven beweren? Ik ben wel erg leergierig. Ik ben vooral geïnteresseerd in wat we nog niet weten.

Toch heb ik ooit een technisch-academische opleiding met succes afgerond en heb ik 30 jaar mogen werken in het bedrijfsleven. Het valt niet helemaal uit te sluiten dat ik toch wel iets kan. Het was niet mijn functioneren dat een eind maakte aan mijn carrière. De sector waarvoor ik werkte werd jarenlang geteisterd door reorganisaties, overplaatsingen, bezuinigingen en ontslagen. Het vereist een flinke mentale hardheid om je daar als werknemer steeds maar weer doorheen te slaan. Daar beschik ik dus over!   

In het vrijwilligerswerk (zeilerij, politiek) zijn mijn (management) capaciteiten zeer gevraagd en gewaardeerd. Logisch, want de beurs hoeft er niet voor te worden getrokken. Ik heb de tijd en lever kwaliteit. Ik oogst waardering. Ik ben in de gelukkige omstandigheid dat ik waardering belangrijker kan vinden dan geld. Maar er zijn grenzen. Geld zonder waardering kende ik al langer. Waardering zonder geld is een nieuwe ervaring. Het kan niet of-of zijn.

Als public affairs officer heb ik de industrie weten te behoeden voor al te ijverige ambtenaren die met hun regels de administratieve lastendruk voor het bedrijfsleven tot grote hoogte wisten op te zwepen. De spagaat tussen maatschappelijk belang en aandeelhouderswaarde begon met de jaren wel steeds meer pijn te doen. Ik kon mij op het laatst niet meer verenigen met de company policy. Ik vrees dat veel van mijn PA-collega's hier regelmatig mee worstelen. Het is toch wiens dagelijks brood men eet...

Als internationaal erkend specialist 'milieugerelateerde dossiers cement en beton' heb ik moeten ondervinden dat de incubatietijd van mijn ideeën gemiddeld vijf jaar was. De industrie beschikte ook over vijfjarenplannen en werd jaarlijks verplicht om cijfers te publiceren, waarbij de aandeelhouders elke drie maanden een update wensten. Na vijf jaar trekken en duwen was mijn pionierswerk meestal voorbij en begon ik aan iets anders. Meer dan eens gebeurde het dan dat iemand anders in het concern de oogst mocht binnenhalen. Zonder zich natuurlijk de vraag te stellen wie het voorwerk had gedaan. In het bedrijfsleven moet een mens niet gaan hopen en wachten op complimenten. Ze komen of ze komen niet. Komen ze niet dan is er altijd nog de innerlijke motivatie. Die Würde des Menschen ist unantastbar, aldus de Duitse grondwet. 

Op de cement- en betonwereld ben ik na 30 jaar helemaal uitgekeken. Door reorganisaties, ontslagrondes, uitfaseringen, bezuinigingen en centralisaties is de cementindustrie in Nederland thans geen schim meer van wat ze ooit was. De maatschappelijke betekenis is verschrompeld evenals het onderzoeks- en opleidingsbudget. Het heeft geen zin om daar lang omheen te draaien.  

In het vrijwilligerswerk is er geen afdeling compensation and benefits die mensen met betere arbeidsvoorwaarden tot grotere hoogtes kan opzwepen. Het moet komen van innerlijke motivatie en externe stimulansen, bij voorkeur gericht op groepen. In het vrijwilligerswerk kom je weinig managers tegen. Wie je wel tegenkomt, zijn mensen met veel gevoel voor verhoudingen en groepsprocessen. Van hen leerde ik veel.    

Mijn droom is dat ik mijn inhoudelijke kennis kan verbinden aan de vaardigheden die nodig zijn in het verenigingswerk. Tegen betaling. Want er wel zijn grenzen.